Uber (einduitspraak hof)
Gerechtshof Amsterdam · Gerechtshof · 27 januari 2026 · ECLI:NL:GHAMS:2026:163
Na de beantwoording van de prejudiciële vragen vernietigt het hof het vonnis van de kantonrechter, die de Uber-chauffeurs als werknemers had aangemerkt. De gevoegde chauffeurs toonden volgens het hof een sterke mate van ondernemerschap: eigen investeringen, vrijheid in werktijden, een eigen acceptatiestrategie en eigen risico. Omdat niet kon worden vastgesteld voor welke chauffeurs of groepen wél een arbeidsovereenkomst bestaat, worden de collectieve vorderingen van FNV afgewezen.
Kernpunt: Toepassing van HR 2025: extern ondernemerschap weegt als volwaardig gezichtspunt mee en gaf hier de doorslag. Omdat de kwalificatie per werkende kan verschillen, strandt een collectieve vordering als de werkenden te sterk uiteenlopen.
Thema's: Schijnzelfstandigheid
Uber · platformwerk · ondernemerschap · FNV
Huur je zzp’ers in? Bespreek met ons de ZZP-inhuurscan. Neem contact op →
Deze informatie is algemeen van aard en geen juridisch advies.