top of page

Uber (prejudiciële vragen)

Hoge Raad · 21 februari 2025 · ECLI:NL:HR:2025:319

Lees de uitspraak ↗

Op prejudiciële vragen van het Hof Amsterdam oordeelt de Hoge Raad dat (extern) ondernemerschap een volwaardig gezichtspunt is bij de kwalificatie. Daarbij kunnen ook omstandigheden buiten de relatie met de opdrachtgever meewegen, zoals het aantal andere opdrachtgevers en de wijze waarop de werkende zich op de markt presenteert. Er bestaat geen rangorde tussen de gezichtspunten. Hetzelfde werk kan daardoor voor de ene werkende anders uitvallen dan voor de andere; een collectief oordeel over een groep werkenden is mogelijk, maar niet als de individuele omstandigheden te sterk uiteenlopen.

Kernpunt: Extern ondernemerschap is een volwaardig gezichtspunt en geen restcategorie voor twijfelgevallen: er is geen rangorde tussen de gezichtspunten. De A-G kende ondernemerschap een subsidiaire rol toe; de Hoge Raad volgde dat niet. Omdat ook omstandigheden buiten de relatie met de opdrachtgever meewegen, kan de kwalificatie per werkende verschillen.

Thema's: Schijnzelfstandigheid

Uber · ondernemerschap · prejudiciële vragen · collectieve actie

Huur je zzp’ers in? Bespreek met ons de ZZP-inhuurscan. Neem contact op →

← Terug naar de kennisbank

Deze informatie is algemeen van aard en geen juridisch advies.

bottom of page