top of page

Bestuurder buitenspel zetten is ernstig verwijtbaar – maar een ruime exitregeling drukt de billijke vergoeding

Foto van schrijver: Joost van Ladesteijn
Joost van Ladesteijn
8 uur geleden
1 minuten om te lezen

Op 20 oktober 2026 werd een beschikking van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 27 november 2025 gepubliceerd over het ontslag van een statutair directeur met een contractuele beëindigingsvergoeding (ECLI:NL:GHSHE:2025:3392).

Bewust aangestuurd op een verstoorde verhouding

De directeur werd in juni 2023 bij aandeelhoudersbesluit ontslagen. Het hof overweegt dat er toen een verstoorde arbeidsverhouding was, maar dat de werkgever daar willens en wetens op had aangestuurd. Een consultant kreeg steeds verdergaande bevoegdheden en de directeur werd feitelijk vleugellam gemaakt, naar het zich laat aanzien in de hoop dat hij zelf zou opzeggen en de contractuele beëindigingsvergoeding niet verschuldigd zou zijn. Dat is ernstig verwijtbaar handelen.

Billijke vergoeding fors lager

Toch verlaagt het hof de door de kantonrechter toegekende billijke vergoeding van € 800.000 naar € 50.000 bruto. De directeur had al een contractuele beëindigingsvergoeding van € 618.093 bruto ontvangen; dat noemt het hof een doorslaggevende factor. Ook was de resterende waarde van de arbeidsovereenkomst zeer beperkt en had hij elders een aanzienlijke verdiencapaciteit. Op nihil kan de vergoeding niet worden gesteld, omdat de bescherming tegen ernstig verwijtbaar handelen dan illusoir zou worden.

Wat leren we hiervan?

  • Wie een bestuurder buitenspel zet in de hoop dat hij zelf vertrekt, loopt het risico van een billijke vergoeding.

  • Bij de hoogte van die vergoeding weegt een ruime contractuele exitregeling zwaar mee.

  • Een zorgvuldig en transparant ontslagtraject is ook voor bestuurders de beste route.

Deze blog bevat algemene informatie en is geen juridisch advies. Neem voor advies over uw specifieke situatie contact met ons op.

bottom of page